september 2020, Publicaties

Penformance Benchmark iDC 2020 – Belangrijkste observaties

De premiepensioenproducten die in Nederland worden aangeboden zijn over het algemeen van een hoog kaliber. Desondanks valt er nog genoeg te verbeteren. Penformance (www.penformance.nl), de marktleider in beleggingsinhoudelijke vergelijkingen van premiepensioenproducten, maakt elk jaar de Penformance Benchmark voor de aanbieders van deze producten. De belangrijkste vijf observaties van dit jaar zijn in dit artikel beschreven.

Risicoprofielen binnen producten zelden onderscheidend

Aanbieders van premiepensioenproducten bieden keuze uit meerdere life cycles, om deelnemers de mogelijkheid te geven een life cycle te kiezen die bij zijn of haar risicoprofiel past. De neutrale life cycle is in het algemeen de life cycle waarin deelnemers beleggen die geen keuze maken.

De keuze voor de deelnemer bestaat bij de meeste aanbieders uit drie tot vijf life cycles. Als onderdeel van de Penformance Benchmark 2020 is de onderlinge verhouding van deze life cycles onderzocht. Hierbij doen de risicoprofielen gelukkig wat ze moeten doen: defensievere life cycles leveren betere pensioenresultaten in slecht weer scenario’s, offensievere life cycles leveren naar verwachting op langere termijn het hoogste pensioenresultaat.

Echter, de onderlinge verhoudingen tussen de defensieve, neutrale en offensieve life cycle zijn niet altijd even logisch. Er zijn defensieve en offensieve life cycles die zich nauwelijks onderscheiden van de neutrale life cycle. Ook zijn de verschillen tussen de life cycles bij de meeste aanbieders klein, met name bij de aanbieders die vijf verschillende life cycles aanbieden. Hierdoor kunnen klanten de illusie hebben dat er echt iets te kiezen valt of kunnen teleurgesteld worden in het specifiek defensieve of offensieve (beleggings)karakter van hun premiepensioenproduct. Daarnaast heeft de neutrale life cycle een beperkt bestaansrecht, want voor de meeste deelnemers bestaat het vermoeden dat een afwijkende keuze een betere fit met hun risicoprofiel oplevert. Een onderwerp dat zich leent voor aanvullend onderzoek, omdat het haaks staat op de praktijk waarin er nauwelijks afwijkende keuzes worden gemaakt.

 

Toenemende innovaties in duurzaamheid

Aanbieders voeren duurzaam beleggen steeds verder door in hun premiepensioenproducten. Steeds vaker kiezen zij ervoor om alle beleggingscategorieën duurzaam in te vullen in plaats van slechts een paar duurzame accenten in het premiepensioenproduct of een aparte duurzame life cycle binnen het premiepensioenproduct. Ze richten ook de vastrentende beleggingen steeds vaker duurzaam in met bijvoorbeeld green bonds of sustainable credits.

De aandelenbeleggingen worden ook steeds duurzamer vormgegeven. Hierbij kiezen de aanbieders steeds vaker voor een combinatie van uitsluiting en engagement: het uitsluiten van niet-duurzame bedrijven en het gesprek aangaan met niet-duurzame (en duurzame) bedrijven. Dit terwijl de aanbieders voorheen vaak kozen voor één van de twee strategieën. Duurzame selectie vraagt om geavanceerde beleggingstechnieken om goed gespreid en/of passief te kunnen blijven beleggen. We zien dat aanbieders dit ook steeds beter doen.

We verwachten dat de duurzaamheidstrend een van de belangrijkste trends zal blijven voor de komende jaren. Premiepensioenproducten die nalaten te innoveren op dit gebied zullen terrein verliezen aan de concurrentie die dit wel doet.

 

Beleggen in Nederlandse hypotheken voegt waarde toe

Steeds meer premiepensioenproducten beleggen in Nederlandse hypotheken. Deze trend is door pensioenfondsen een aantal jaar geleden ingezet. De rendementen op veilige staatsobligaties vallen tegen en als alternatief kiezen pensioenuitvoerders om te beleggen in eveneens relatief veilige Nederlandse hypotheken. Vanwege de beperkte verhandelbaarheid staat hier, ten opzichte van staatsobligaties, een hoger rendement tegenover. De Penformance Benchmark 2020 laat zien dat het toevoegen van Nederlandse hypotheken de risico rendement verhouding van een premiepensioenproduct verbetert. Toch is het verstandig om ook rekening te houden met de risico’s. De beperkte verhandelbaarheid leidt tot mogelijke risico’s bij een gedwongen of gekozen verkoop van deze beleggingscategorie.

Wij verwachten dat aanbieders in de toekomst blijven innoveren en nieuwe beleggingscategorieën blijven toevoegen. Nu de omvang van het totaal aan beleggingen in premiepensioenproducten toeneemt, zal een aantal aanbieders beleggingscategorieën gaan overwegen die voorheen alleen voor grote volumes beschikbaar waren.

 

Informatievoorziening moet nog beter

De informatievoorziening door aanbieders van verschillende financiële producten moet veel beter. Dit geldt ook zeker voor de premiepensioenproducten. In een aantal gevallen is zelfs de basisinformatie over het premiepensioenproduct niet of slecht beschikbaar.

Voor het eerst besteedt de Penformance Benchmark aandacht aan de zogenaamde ‘beleggingsbeliefs’ die de grondslag vormen voor de keuze van de beleggingen. Daar waar pensioenfondsen hierover steeds beter rapporteren, blijft dit bij vele premiepensioenproducten achter. De ‘beleggingsbeliefs’ zijn vaak slecht te vinden, onduidelijk beschreven en onvolledig.

 

DNB-scenario’s niet bruikbaar voor het vergelijken van producten

De Penformance analyses maken gebruik van een eigen set aan economische scenario’s. Een belangrijk uitgangspunt daarbij is dat zo goed mogelijk wordt aangesloten bij de beleggingscategorieën die door pensioenuitvoerders in de life cycles worden opgenomen. Elke keer als er een nieuwe beleggingscategorie wordt toegevoegd door een aanbieder van premiepensioenproducten, wordt deze ook aan de gebruikte scenario’s toegevoegd. Een voorbeeld is de eerdergenoemde belegging in hypotheken (NHG en non-NHG).

DNB publiceert sinds 2015 ieder kwartaal haar economische scenario’s. In de Wet pensioencommunicatie en de Wet verbeterde premieregeling is geregeld dat informatie over ouderdomspensioen moet worden verstrekt in drie scenario’s: een pessimistisch-, verwacht- en optimistisch scenario. Daarvoor moeten pensioenuitvoerders gebruik maken van de door DNB gepubliceerde scenario’s. Als onderdeel van de Penformance Benchmark 2020 is onderzocht wat de impact is van het hanteren van de DNB-scenario’s in de analyses.

De pensioenresultaten op basis van de DNB-scenario’s wijken sterk af van de pensioenresultaten op basis van de Penformance scenario’s. Dit geldt zowel voor de verwachte pensioenresultaten als voor de pensioenresultaten in slecht weer scenario’s. Ook nivelleren de verschillen tussen de premiepensioenproducten bij het gebruik van de DNB-scenario’s. Iedere scenarioset is een beperkte weergave van de werkelijkheid, maar de DNB-scenario’s versimpelen life cycles tot een mix van uitsluitend staatsobligaties met de hoogste kredietwaardigheid en beursgenoteerde aandelen. Life cycles kennen echter veel meer beleggingscategorieën. Door toepassing van DNB-scenario’s worden uitgedokterde diversificatievoordelen tenietgedaan en beleggingsrisico’s aangezet. Deze sterke versimpeling doet geen recht aan de productontwikkelingen in de laatste jaren.

Naast deze belangrijkste vijf constateringen in de Penformance Benchmark 2020 biedt dit rapport inzicht in de verschillen tussen de premiepensioenproducten. Daarnaast wordt een goed inzicht geboden in de premiepensioenmarkt en haar belangrijkste trends. Mocht u meer informatie willen over afname en kosten van dit rapport dan kunt u contact opnemen met Jasper Haak (jasper.haak@penformance.nl) of Roel Nass (roel.nass@penformance.nl).

 

Penformance is een samenwerking van AF Advisors en Söderberg & Partners.

oktober 2020
Duurzame regels – realisme of idealisme?
oktober 2020
Vertrek beleggingsteams Nederlandse fondshuizen naar buitenland